Tag archief contract

Samenwerkingsovereenkomst

“Wij gaan samenwerken!”. Vol enthousiasme sla jij samen met een andere partij de handen ineen om tot een mooi nieuw product of een mooie dienst te komen. Mijn vraag is dan direct: “Heb je de afspraken vastgelegd in een overeenkomst?”.

“Dat is niet nodig, alles is duidelijk!”

Dat antwoord triggert mij. Want is écht alles duidelijk? Nu zit je er allebei vol goede moed en met een positieve insteek in, maar wat nu als de ene partij er dadelijk toch niet zoveel zin meer in heeft? Of door onvoorziene omstandigheden zijn bijdrage aan de samenwerking niet meer op zich kan nemen? En hoe zit het met betaling: als de ene partij aan de andere partij een financiële vergoeding moet betalen of moet bijdragen aan de inkoop van grondstoffen en deze betaling wordt niet gedaan? En als de kwaliteit van de bijdrage of de inspanningen van de ander te wensen overlaat?

Zoals je ziet, stel ik een hele hoop vragen. Heb je over deze onderwerpen nagedacht? Zodra je de afspraken op papier gaat zetten, ga je ook over andere aspecten dan alleen het rooskleurige nadenken.

Mondelinge afspraken, afspraken per mail

Voordat de overeenkomst op papier wordt gezet, heeft er waarschijnlijk al (veelvuldig) contact tussen jullie plaatsgevonden. In persoonlijke gesprekken, telefonisch, per mail, per WhatsApp. Jullie zijn tot een super goed idee gekomen om een samenwerking aan te gaan en hebben er allebei heel veel zin in. Allebei hebben jullie duidelijk voor ogen wat de bedoeling is en hoe één en ander vormgegeven gaat worden.

En wat er dan ook vaak gebeurt, is dat er geen specifieke overeenkomst wordt opgesteld. Een mondelinge overeenkomst is immers ook geldig. En ja, dat is zo. Maar bij een mondelinge overeenkomst is het vaak jouw woord tegen het woord van de ander. En afspraken per mail, dat is toch ook een vastlegging? Ja, ook dat is zo.

Waarom dan tóch een samenwerkingsovereenkomst opstellen?

Waarom zou je de afspraken dan nog vastleggen in een overeenkomst? Alles is toch duidelijk? Je wil gewoon aan de slag en geen geneuzel over afspraken op papier zetten, welke afspraken dan ook nog eens ondertekend moeten worden.

Toch is aan de slag gaan zonder samenwerkingsovereenkomst niet verstandig. Het vastleggen van de afspraken in een overeenkomst kan namelijk een hele hoop onduidelijkheid en negatieve energie in de toekomst voorkomen.

Zo zal je waarschijnlijk nog niet over alle onderwerpen die ik hiervoor heb genoemd hebben nagedacht. Maar ook juist over de kern van de samenwerking kan meer duidelijkheid komen als je de afspraken vastlegt in een overeenkomst. Daarin kun je namelijk uitleggen waarom je gaat samenwerken en welk resultaat jullie beogen te bereiken. En je zal zien: het op papier zetten van de bedoeling is toch nét even anders dan die appjes of gesprekken die jullie erover hebben gehad. Wellicht was jullie visie op bepaalde onderdelen ook net even anders. Daar kun je dan mooi nu al over nadenken en tot duidelijkheid komen!

En weet je wat het voordeel is als je een overeenkomst maakt direct bij aanvang van de samenwerking? Dan sta je nog op goede voet met elkaar en kom je in alle redelijkheid tot een overeenkomst waar beide partijen achter staan. Zodra er een kink in de kabel komt, komt helaas vaak de minder goede kant van de ander (en jezelf ;-)) naar boven. Een redelijke oplossing is dan vaak ver te zoeken en misschien eindig je wel in de rechtbank…

Beëindigen van de samenwerking

Het valt immers ook te verwachten dat er op enig moment een einde aan de samenwerking komt. Dat hoeft niet eens te zijn omdat het fout is gegaan, maar dat kan ook zijn omdat één van de partijen besluit het roer om te gooien. Stop je dan met de verkoop van het hele product? Of gaat de overblijver dan alleen verder? En krijgt de partij die stopt een financiële compensatie?

Je kunt je voorstellen dat als je deze afspraken al maakt bij de aanvang van de samenwerking, er een reëel beëindigingsplan ontstaat. Zodra de ene partij echter te kennen geeft te willen stoppen en als jij dit niet zag aankomen, zal jouw visie wellicht anders zijn (en dit geldt uiteraard ook andersom). Het is dan fijn, voor alle betrokken partijen, als je je kunt baseren op een overeenkomst waarin één en ander gewoon staat uitgeschreven. Wil je bij het beëindigen toch afwijken van de afspraken uit de overeenkomst? Ook dat kan. Als het maar gebeurt met goedvinden van beide partijen.

Maak die overeenkomst

Mijn advies is dus: maak die samenwerkingsovereenkomst. Dat hoeft geen lang ingewikkeld document vol juridische onbegrijpelijkheden te zijn. Een overeenkomst gaat over wat jij daarin wil regelen. Je bent vrij om af te spreken wat je wil en om de afspraken te formuleren zoals jij ze wil.

Zie het opstellen van een samenwerkingsovereenkomst niet als een drempel, maar juist als een bijdrage om de samenwerking een knallende start te geven. En als er dan een kink in de kabel komt, dan weten alle partijen waar ze aan toe zijn. Wel zo geruststellend.

Hulp nodig?

Ik help je graag bij jouw samenwerkingsovereenkomst. Dat kan zijn het opstellen van de overeenkomst vanaf nul, maar dat kan ook zijn het controleren en aanpassen van een reeds opgestelde overeenkomst.

Neem vrijblijvend contact met mij op via info@winkenslegal.nl of via het contactformulier van mijn website!

Ten slotte: dit artikel is informatief bedoeld. Uitzonderingen, mitsen en maren: ik kan er een hele hoop noemen. In mijn artikel probeer ik een algemeen beeld te schetsen, zonder het al te ingewikkeld en lang te maken. Neem voor een specifiek op jou gericht advies altijd contact op.

Opschorten: wanneer wel of niet?

Je bent met een klant overeengekomen dat jij goederen levert, nadat de klant jou hiervoor heeft betaald. Helaas doet de klant dit niet. Naast de acties die je neemt om betaling te verkrijgen, wil je de goederen die jij moet afleveren nog even onder je houden. In het geval van een dienstverleningsovereenkomst overweeg je wellicht om jouw dienstverlening te staken. Opschorten, zoals dat in het recht heet. Maar kan en mag dat zomaar?

Wat is opschorten?

Allereerst is het van belang om te weten wat de wet onder opschorten verstaat. Het opschortingsrecht kan gezien worden als een verweermiddel dat de ene partij heeft (de schuldenaar) in verband met een vordering die hij op zijn schuldeiser heeft. Om dit te verduidelijken, zal ik in dit artikel uitgaan van de volgende situatie:

Uitgangssituatie:
Jij moet aan X een partij goederen afleveren. Daar tegenover staat dat X aan jou een bedrag van € 1.000,= voor die goederen moet betalen. Dat is jouw vordering op X.

Jullie hebben afgesproken dat X het bedrag op 1 augustus betaald moet hebben. Vervolgens zal jij op 8 augustus de goederen bij X op zijn bedrijfsadres afleveren.

X heeft niet betaald op 1 augustus. Op 8 augustus nog steeds niet. Mag jij nu jouw prestatie (het uitleveren van de goederen) opschorten of moet je de afspraak dat jij op 8 augustus zou uitleveren nakomen?

Wettelijk kader

In de wet is op meerdere plaatsen het één en ander geregeld over opschorten. Ik focus mij in dit artikel op twee bepalingen, namelijk de algemene bepaling en de verdiepende bepaling over opschorting in het kader van wederkerige overeenkomsten. Een wederkerige overeenkomst is bijvoorbeeld een koopovereenkomst zoals hiervoor in het voorbeeld uitgewerkt.

De mogelijkheid om op te schorten is geregeld in artikel 6:52 BW. De tekst luidt als volgt:

  1. Een schuldenaar die een opeisbare vordering heeft op zijn schuldeiser, is bevoegd de nakoming van zijn verbintenis op te schorten tot voldoening van zijn vordering plaatsvindt, indien tussen vordering en verbintenis voldoende samenhang bestaat om deze opschorting te rechtvaardigen.
  2. Een zodanige samenhang kan onder meer worden aangenomen ingeval de verbintenissen over en weer voortvloeien uit dezelfde rechtsverhouding of uit zaken die partijen regelmatig met elkaar hebben gedaan.

Meer specifiek regelt de wet in artikel 6:262 BW het volgende ten aanzien van wederkerige overeenkomsten:

  1. Komt een der partijen haar verbintenis niet na, dan is de wederpartij bevoegd de nakoming van haar daartegenover staande verplichtingen op te schorten.
  2. In geval van gedeeltelijke of niet behoorlijke nakoming is opschorting slechts toegelaten, voor zover de tekortkoming haar rechtvaardigt.

Het eerste artikel is de algemene regeling. Om op te mogen schorten in het geval van een wederkerige overeenkomst (zoals dus een koopovereenkomst), moet je aan die vereisten voldoen plus je moet je aan artikel 6:262 BW houden.

Opeisbare vordering

Er moet om te beginnen een opeisbare vordering zijn. Oftewel: de wederpartij moet wel verplicht zijn om de vordering te betalen. Als je hebt afgesproken dat X het bedrag pas hoeft te betalen ná het uitleveren van de goederen, heb jij geen opeisbare vordering en kun je je (in beginsel) niet beroepen op opschorting.

In de voorbeeldsituatie is afgesproken dat X het bedrag op 1 augustus betaald moest hebben. Dat is niet gebeurd en deze datum is verlopen. De vordering is in dit voorbeeld opeisbaar.

Opschorten zonder opeisbaarheid

Er zijn enkele gevallen waarin je tot opschorting kunt overgaan, zonder dat er een opeisbare vordering is. Hierbij kun je denken aan een mededeling van de schuldeiser waarin hij aangeeft niet te zullen gaan betalen. Ook indien jij als eerste zou moeten presteren (jij moet eerst de goederen leveren, daarna zal X pas betalen) en je bent op de hoogte gekomen van omstandigheden waardoor je op goede gronden vreest dat X niet zal nakomen, mag je opschorten zonder dat er een opeisbare vordering is.

Voldoende samenhang om opschorting te rechtvaardigen

Er moet een bepaalde mate van samenhang zijn tussen de verplichtingen die over en weer bestaan. Daarnaast moet aan de hand van alle omstandigheden van het geval worden bezien of de opschorting in dit geval gerechtvaardigd is. Hoe groter de samenhang, hoe eerder een opschorting gerechtvaardigd zal zijn.

In het voorbeeld is er sprake van voldoende samenhang. De vordering van jou op X heeft direct te maken met het leveren van de goederen (en dat is de verplichting die jij opschort).

Redelijkheid en billijkheid

De redelijkheid en billijkheid speelt ook een belangrijke rol bij opschorting. Ook al is er voldoende samenhang om de opschorting te rechtvaardigen, de redelijkheid en billijkheid kan daar een stokje voor steken. Dit is bijvoorbeeld het geval indien de opschorting een buitenproportionele reactie is gelet op de mate van niet-nakoming. Daarbij kun je bijvoorbeeld denken aan het feit dat er slechts een klein deel van de vordering niet is betaald (bijvoorbeeld de btw is vergeten), dat de goederen van zeer groot belang zijn voor de bedrijfsvoering wederpartij. Ook al is er dan voldoende samenhang om de opschorting te rechtvaardigen (want: het gaat over de koopsom voor de uit te leveren goederen), de redelijkheid en billijkheid kan de opschorting in de weg staan.

Dienstverleningsovereenkomst

Bij een dienstverleningsovereenkomst kan opschorten nog wel eens lastig zijn. Zeker als jouw dienstverlening cruciaal is voor de bedrijfsvoering van de wederpartij. Dat geeft jou een sterke positie: dreigen met opschorten kan grote gevolgen hebben voor de wederpartij. Wellicht betaalt de wederpartij jouw vordering dan toch wat sneller.

Daar staat echter de redelijkheid en billijkheid tegenover. Is er slechts één maand niet betaald? Dan kunnen de gevolgen van opschorting buitenproportioneel zijn en kan het dus zijn dat jij op je vingers wordt getikt als je toch opschort.

Opschorten in het geval van een voortdurende dienstverleningsovereenkomst moet dan ook altijd secuur worden aangepakt. Zorg voor een goed opgebouwd dossier. Stuur herinneringen, geef aan dat je gaat opschorten en geef mogelijkheden om de wederpartij tot betaling te laten overgaan.

Wat nu als je tot opschorting overgaat?

Opschorten is een middel waardoor je jouw prestatie uit kunt stellen. Zodra de wederpartij aan zijn verplichtingen voldoet, moet je ook weer aan jouw verplichtingen voldoen. Zorg er dus voor dat je jouw prestatie altijd direct weer kunt gaan verrichten.

Opschorten is iets anders dan ontbinden. Bij opschorting zet je de verplichtingen even “on hold”. Ontbinding betekent echter het einde van de overeenkomst.

Opschorten

Het leerstuk rondom opschorting is uitgebreider dan ik hiervoor heb geschetst. Er zijn meer voorwaarden waaraan voldaan moet worden, maar ook zijn er meer uitzonderingssituaties. Er kan geen algemeen antwoord gegeven worden op de vraag wanneer je precies mag opschorten. De omstandigheden van het geval spelen een belangrijke rol.

Mijn advies is dan ook om ervoor te zorgen dat als je tot opschorting overgaat of als je dat voornemen hebt, dat je de wederpartij daarvan op de hoogte stelt. Bouw een (schriftelijk!) dossier op. Zo kun jij altijd aantonen waarom en op welke gronden je tot opschorting bent overgegaan. Dit helpt bij het inkleden van de redelijkheid en billijkheid en dit kan helpen in het geval dat de wederpartij jou aanspreekt voor schadevergoeding als gevolg van de opschorting. Het mededelen van jouw voornemen is echter geen verplichting volgens de wet.

Advies nodig over opschorting? Wil je tot opschorting van jouw verplichtingen overgaan en wil je daar graag advies over? Neem contact met mij op via info@winkenslegal.nl of het contactformulier van de website.

Ten slotte: dit artikel is informatief bedoeld. Uitzonderingen, mitsen en maren: ik kan er een hele hoop noemen. In mijn artikel probeer ik een algemeen beeld te schetsen, zonder het al te ingewikkeld en lang te maken. Neem voor een specifiek op jou gericht advies altijd contact op.